www.rechtspraak.nl

Alle landelijke nieuwsberichten van de Rechtspraak
  1. Kamer ook akkoord met procesvernieuwing in civiele zaken

    De Tweede Kamer heeft ingestemd met de intrekking van de KEI-wet uit 2016 zoals die gold voor de rechtbanken Gelderland en Midden-Nederland. Als op een later tijdstip ook de Eerste Kamer instemt, betekent dit dat verplicht digitaal procederen in handelszaken voor de civiele rechter bij de rechtbanken Gelderland en Midden-Nederland wordt stopgezet. Daarnaast verruimt het wetsvoorstel de mogelijkheden voor mondelinge behandeling in civiele zaken bij alle rechtbanken en hoven. De Rechtspraak koerst op invoering per 1 januari 2020.

    Wetsvoorstel

    Het wetsvoorstelregelt dat straks voor alle rechtbanken weer hetzelfde procesrecht geldt. Hiermee komt een einde aan de huidige situatie, met een apart procesrecht voor de rechtbanken Gelderland en Midden-Nederland en een ander procesrecht voor de overige rechtbanken.
    Een en ander is het gevolg van de beslissing van de Rechtspraak om de digitalisering anders vorm te geven. Advocaten in asiel- en bewaringszaken blijven wel verplicht digitaal procederen. Ook bij de Hoge Raad blijft die verplichting bestaan.

    Advocaten procederen voorlopig op papier

    Advocaten die, na inwerkingtreding van de wet, een civiele vorderingsprocedure starten bij de rechtbanken Midden-Nederland of Gelderland, moeten dat weer zoals voorheen op papier doen met een dagvaarding. De Rechtspraak onderzoekt nog hoe zij het beste kan omgaan met de dan nog onder de KEI-wetgeving lopende digitale procedures. Daarover informeert ze de betrokken advocaten.
    Deze situatie is tijdelijk, in afwachting van de plannen voor digitale toegankelijkheid in civiele zaken en bestuursrechtelijke zaken.

    Procesvernieuwingen in alle civiele zaken

    De wet uit 2016 gaf niet alleen mogelijkheden voor digitalisering. Deze bracht ook vernieuwingen in het civiele procesrecht. Het wetsvoorstel regelt dat enkele belangrijke vernieuwingen uit de wet van 2016 nu worden overgenomen in het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering. Deze komen door het wetsvoorstel  beschikbaar voor alle rechtbanken en hoven in alle civiele zaken. De rechter krijgt bijvoorbeeld meer ruimte om regie te voeren in het begin van de procedure en kan zo meer maatwerk bieden voorafgaand aan en tijdens de mondelinge behandeling. Ook vervalt het pleidooi. In plaats daarvan komt de mogelijkheid voor partijen om hun stellingen nader te onderbouwen. Het is nog niet duidelijk wanneer andere onderdelen van de wet uit 2016 worden ingevoerd, zoals de procesinleiding en strakkere termijnen.

  2. Kees Sterk blijft een half jaar langer rechterlijk lid van de Raad voor de rechtspraak. Zijn termijn loopt op 1 juli af, maar de andere 3 leden van de Raad hebben minister Dekker (voor Rechtsbescherming) gevraagd deze termijn met een half jaar te verlengen. Sterk is bij de koning voorgedragen voor herbenoeming tot 31 december 2019.

    ENCJ

    Kees Sterk

    Door de herbenoeming kan Sterk zijn 2 jaar durende termijn als voorzitter van het samenwerkingsverband van Europese Raden voor de rechtspraak (ENCJ) volbrengen. Sterk: ‘Mijn werk als lid van de Nederlandse Raad voor de rechtspraak loopt na 6 jaar ten einde. Maar ik zit pas op de helft van mijn termijn als ENCJ-voorzitter. Deze klus is voor mij nog niet af. Ik ben dankbaar dat het mij is gegund om in Europees verband te proberen de rechtsstaat te verbeteren. Er is meer dan genoeg te doen als je ziet hoe het er bijvoorbeeld in Polen en Hongarije aan toegaat.’

    Nieuw lid

    De werving van een nieuw rechterlijk lid van de Raad voor de rechtspraak wordt zo snel mogelijk in gang gezet.

  3. De rechter wordt steeds vaker gevraagd te beslissen over gedwongen opname van mensen die een gevaar vormen voor zichzelf of hun omgeving. Vorig jaar oordeelde de rechter ruim 27 duizend keer over dit soort ‘bijzondere opnemingen in psychiatrische ziekenhuizen’ (BOPZ). Het aantal verzoeken is hiermee 2 procent gestegen in vergelijking met 2017 en maar liefst 66 procent ten opzichte van 2008 (zie tabel).

    Gevaar

    Iemand die door een geestelijke stoornis een gevaar vormt voor zichzelf of voor zijn omgeving, kan onder bepaalde voorwaarden gedwongen worden opgenomen in een psychiatrisch ziekenhuis. In de Wet BOPZ staat hoe dit moet gebeuren. De rechter beslist of een gedwongen opname gerechtvaardigd is.

    In het merendeel van de gevallen vraagt een officier van justitie de rechter eerst om toestemming voor een opname. In een noodsituatie kan een burgemeester een zogenoemde inbewaringstelling (ibs) gelasten. Van een noodsituatie is sprake als een deskundige (bijvoorbeeld een psychiater) verklaart dat iemand een acuut gevaar vormt voor zichzelf, anderen of zijn omgeving. Een rechter beslist vervolgens binnen 3 dagen of deze inbewaringstelling moet worden verlengd.

    Cijfers

    Jaar

    Eindbeschikkingen
    onvrijwillige opnamen

    201827.133
    201726.607
    201625.878
    201524.342
    201423.370
    201322.957
    201221.356
    201120.693
    201019.922
    200918.898
    200816.313

    Meer informatie

  4. Het kabinet vult het verwachte financiële tekort van de Rechtspraak dit jaar aan. Het gaat om een bedrag van maximaal 50 miljoen euro voor 2019. Dit staat in de vandaag gepresenteerde Voorjaarsnota(rijksoverheid.nl). Het financiële tekort was al voorspeld. De Rechtspraak verkeert in financieel zwaar weer door onder meer een forse terugloop van het aantal rechtszaken terwijl vaste kosten nauwelijks dalen.

    ‘We zijn blij met deze toezegging van het kabinet,’ zegt Henk Naves, voorzitter van de Raad voor de rechtspraak. ‘Het is een noodzakelijke eerste stap om onze organisatie weer financieel gezond te krijgen. Hiermee houden we het hoofd dit jaar boven water. Maar de komende jaren is er meer nodig om kwalitatief hoogwaardige rechtspraak te kunnen blijven leveren. Denk daarbij aan investeringen die nodig zijn voor digitalisering, om de werkdruk te verlagen en steeds complexere zaken te kunnen behandelen.’ De Rechtspraak is in gesprek met minister Dekker (voor Rechtsbescherming) over wat er nodig is om de financiële problemen structureel op te lossen. Uit onderzoek blijkt dat de Rechtspraak dit niet meer zelfstandig kan.

    Financieringssysteem

    ‘Naast noodzakelijke investeringen kan een vernieuwd financieringssysteem een belangrijke rol spelen bij het oplossen van onze geldzorgen,’ denkt Naves. ‘Op dit moment krijgen we per rechtszaak betaald en moeten we met dit geld ook onze vaste kosten zoals salarissen, IT-kosten en huisvestingskosten dekken. Als het aantal zaken daalt, wat de afgelopen jaren zo is, komen we in de knel omdat deze vaste kosten nauwelijks mee dalen.’

  5. In 2018 zijn er fors meer wrakingsverzoeken ingediend tegen rechters ten opzichte van voorgaande jaren. Dat blijkt uit cijfers van de Raad voor de rechtspraak. In 2018 werd 750 keer een wrakingsverzoek bij een rechtbank of hof ingediend, tegen 605 verzoeken in 2017. Een klein deel van de verzoeken, rond de 2,5 procent, is daadwerkelijk toegewezen. In 2018 betekende dit dat in totaal 20 keer een rechter werd vervangen.

    Uit de cijfers blijkt verder dat het aantal wrakingsverzoeken in 2018 vooral is toegenomen bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, het gerechtshof Den Haag en de rechtbank Gelderland. Bij deze gerechten was de toename 60 procent of meer vergeleken met het gemiddeld aantal wrakingsverzoeken in 2013-2017. In mindere mate steeg ook bij de rechtbanken Amsterdam, Den Haag en Midden-Nederland het aantal wrakingsverzoeken, met meer dan 20 procent.

    Stijging

    Waardoor de stijging wordt veroorzaakt, is lastig te verklaren. Eind 2018 boog de Hoge Raad zich over 2 wrakingsverzoeken, en kwam tot de conclusie dat onder meer een inhoudelijke (tussen)beslissing of de motivering ervan geen grond tot wraking mag zijn. De verwachting is dat als gevolg van deze 2 uitspraken het aantal wrakingsverzoeken in de toekomst weer zal dalen.

    Wraken

    In Nederland heeft iedere burger recht op een onpartijdige rechter. Wie partij is in een rechtszaak en reden heeft om te denken dat de rechter een zaak niet onpartijdig kan beoordelen, kan de wrakingskamer vragen deze rechter te laten vervangen. 3 rechters bekijken vervolgens of de wraking terecht is of niet.